Abbenes.net

  Welkom bij  dorpswebsite Abbenes.net!!

Het leven van mevrouw Verbaas-van de Koppel in Abbenes deel 2

Verkering

Toen ze 17 jaar was, kwam ze Koos Verbaas tegen. Koos woonde naast de Andreashoeve van familie Bos bij de A44, waar nu nog twee neven wonen. Maar Anna’s moeder was streng: als er dansen was in het dorp, mocht Anna niet naar buiten. Alles was ook aardedonker in oorlogstijd. Ze heeft 1x gejokt dat ze bij het postkantoor ging oppassen, maar ging in plaats daarvan met een stel jongelui lol maken bij Kroon. Helaas voor Anna ging vader Van de Koppel bij het postkantoor zijn pakje shag wegen en hé, Anna was daar niet! Vader was zó boos, ze wist niet hoe snel ze thuis moest komen. Verder was haar vader overigens wel ontzettend lief, hij was gewoon zuinig op zijn dochter. Hij was heel erg teleurgesteld over de leugen. “Maar ik mag ook nooit eens was, heb eens wat vertrouwen” sputterde Anna. Haar broer mocht wel van alles, maar ‘dat is een jongen’.

Als er wat in de familie was, als grootmoeder niet orde was of als er een kindje was geboren, moest Anna erheen. Mensen waar ze op dat moment in dienst was, vonden dat vanzelfsprekend niet leuk, maar het moest van vader: ‘familie gaat voor’. Zo gebeurde het dat ze als 19 jarige alleen naar Brabant reisde. In Leiden op de trein, overstappen in Rotterdam,                                                       links Koos Verbaas 1953 uren op een bus staan wachten, overvaren van Gorkum naar Sleewijk, Merwede over. ’s Morgens vroeg weg en ’s avonds in Brabant aankomen. (Hebben wij het nog over vertragingen van de NS!). Maar ze heeft het zelfs ook wel eens op de fiets gedaan: 100 km, 8 uur over gefietst.

Koos vond het maar niets dat ze naar die familie ging en dan weken weg was. Zo kwam hij haar eens in Waddinxveen opzoeken toen ze daar aan het bakeren was. Ze was al zes weken weg. Hij mopperde daar een beetje over, wat bij Anna verkeerd schoot, ze maakte haar taak af. Toch wilde hij graag dat ze niet meer zo lang van huis ging en het was ook meteen de laatste keer. Dus kreeg ze als 18 jarige ‘werkhuizen’, bijvoorbeeld bij Klaas en Geert Reeuwijk. Dat verdiende meer, wel liefst 5 gulden per dag!

Huwelijk

Met Koen Verbaas werd het serieus en er werd over trouwen gedacht. Er moest worden gespaard voor een uitzet. Na de oorlog was er bijna niets te krijgen, maar via Oom Kees kreeg ze restjes servies uit de fabriek. Een huis was ook een probleem, maar Koen werkte bij boer De Breuk aan de Aalsmeerderdijk en via De Breuk konden ze in een huisje aan de dijk met zicht op de Westeinder plas. In januari 1949 zijn Koen en Anna getrouwd. Na haar trouwen bleef Anna werken, onder andere in bioscoop Royal aan de Kruisweg in Hoofddorp. Daar maakte ze schoon, maar als het druk was gooide ze haar schort aan de kant en serveerde ze net zo makkelijk drankjes. Toen ze al zwanger was, sprong ze eens van een trapje af. Haar bazin waarschuwde haar daarvoor, ze had geen idee dat dat schadelijk kon zijn voor de baby. Aan de Aalsmeerderdijk hebben ze drie jaar gewoond en zijn de kinderen Marjo en Arjan geboren.

Koos werkte een week of zes per jaar bij vader Verbaas in de bollen, dat wilde hij ook! Dus ging hij bij Jan van’t Riet werken. Dat was lastig met de kinderen, want ze konden dan natuurlijk niet in het huis van De Breuk blijven, er moest onderdak worden gezocht en Koen moest naar zijn werk. Ze hadden alleen maar een fiets! Maar Jan van’t Riet ging gelukkig een huis bouwen in de Heijelaan, waar ze op nummer 16 konden wonen.

Toen álle zoons Verbaas bij hun vader gingen werken, moest het gezin natuurlijk weer uit het huis van Van’t Riet. Ze hebben toen drie jaar in een bollenschuur van vader Verbaas gewoond. Toen konden ze gelukkig terecht in een huis aan de Kaag van de melkrijder. Anna ging weer werken. Ze bracht Marjo naar school in Abbenes en Kitty Verbaas paste op Arjan. Dat kostte haar de helft van het verdiende geld. Ze was echter op bekend terrein: ze werkte weer bij mevrouw Biemond, haar allereerste adresje. Mevrouw Biemond was ziek en is helaas maar 47 jaar geworden.

Winkel

Koos wilde moderniseren, maar zijn vader niet, dus dat botste. Hij kwam op een dag thuis van de ‘tuin’ en deelde doodleuk mee dat hij een melkzaak had gekocht van Ome Koen. Ome Koen verhuisde naar de Buitenkaag en het gezin ging naar de winkel in Abbenes. De winkel was waar nu Meiland woont in de Sophialaan.

Maar zo makkelijk ging het niet. Ze kregen allerlei verordeningen van de gemeente om de winkel aan te passen. De winkel ging voor, dus het huis aanpassen was er niet bij, dat moest nog even wachten. Jos was inmiddels geboren. De zolder werd in tweeën gedeeld en enigszins geschilderd. Maar de zolder was helemaal vochtig, wat erg ongezond was voor de kinderen. Dus werd uiteindelijk het dak eraf gehaald en een stukje aan het huis gebouwd. Wel moest mevrouw Verbaas de controleur van de gemeente iedere week te woord staan, die kwam kijken of er al een koeling was. Daarvoor was helemaal geen geld! Maar uiteindelijk is het toch goed gekomen.


De winkel was mevrouw Verbaas ’lust en leven. Ze speelde als kind al graag winkeltje. Koos ging eerst met een bakfiets zijn klanten langs, later met een melkwagen met hulpmotor en nog weer later een rijdende winkel, wat ook toen ook wel een SRV-wagen wordt genoemd en waar we nu in Abbenes (gelukkig) nog steeds gebruik van kunnen maken. In de winkel werd eerst een spoellokaal gemaakt voor de melk e.d., vervolgens werd er een deel bij gemaakt en toen werd het, best modern voor die tijd, een zelfbediening. Er was eerst wat kritiek van mevrouw Hoekman, maar later vond ze het hartstikke leuk. Als er iets aangepast was in de winkel, werd er weer een heropening georganiseerd, wat altijd erg gezellig was.


Mevrouw Verbaas stond de hele dag in de winkel, er moest dus hulp komen voor in huis. De kinderen Jos, Harm, Sjaco en Adri waren inmiddels geboren. Minnie Kattenberg kwam  oppassen op de kinderen tot ca. drie uur ’s middags, als Koos weer van de weg af kwam. Mevrouw Verbaas wilde vroeger niet dat Minnie een theedoek over haar schouder gooide tijdens het afdrogen i.v.m. de hygiëne (die was vroeger toch wat minder, laten we eerlijk zijn). Dat was er bij mevrouw Verbaas ingestampt door haar eerste werkgeefster, mevrouw Biemond, die vroeger lerares op een huishoudschool was geweest. Minnie weet het nog steeds…..



Tinie Vermeulen-Hoogkamer maakte schoon en kreeg daar 5 gulden per uur voor. Maar die vond dat blijkbaar toch te weinig, want die riep in een winkel vol klanten: “Kan er nou nooit eens een gulden bij?” Bescheidenheid was niet een grote eigenschap van haar en dus ging ze weleens tekeer tegen mevrouw Verbaas, maar bood dan ook altijd weer haar excuus aan en dan was het gewoon weer goed. Hanneke Hoogkamer heeft ook nog bij mevrouw Verbaas gewerkt. Buurmeisje Mieke Verwer heeft ook veel op de kinderen gepast, die ging zelfs mee op vakantie! Toon Vermeulen ruimde flessen op. Hij werkte bij van der Maarl en als hij zwart en ondergestoven was na het dorsen, mocht hij bij Verbaas douchen.

Naast hen in de Sophialaan woonde ook Piet en Lena Schalk. Als er een feestje was, kwam Lena altijd bij Verbaas napraten. Tegenover hen woonde dikke Jan Schalk, de oom van Piet Schalk uit het Kalverlaantje.

Wordt vervolgd!