Abbenes.net  15 jaar !!!

  Welkom bij  dorpswebsite Abbenes.net!!

Het leven van mevrouw Verbaas- van de Koppel in o.a. Abbenes

In de zomer van 2016 had Abbenes.net een afspraak met mevrouw Verbaas, thans wonende te Nieuw Vennep, maar voorheen in Abbenes. Als ik binnenkom staat er een gezellig muziekje aan, Radio 5. Ze luistert op die zender ook graag naar de Arbeidsvitaminen, wat sinds mensenheugenis al een geliefd programma is. Tijdens het uitwerken van dit stuk zet ik dus ook maar Radio 5 aan, wat inderdaad gezellige muziek is!

Jeugd

Mevrouw Verbaas, gehuwd met Koos Verbaas de melkboer (er waren 2 Kozen Verbaas), werd geboren als Anna Elisabeth van der Koppel in 1928 aan de Sloterweg onder Schiphol. Haar vader werkte bij Van Dorsten, een mechanisatiebedrijf in Hoofddorp. Toen de kleine Anna ongeveer 2 jaar was, ging het gezin in Abbenes wonen; naast Spek stond een dubbel woonhuis, tussen Spek en Kranenburg in, waar ze naast familie Eveleens kwamen te wonen.  De woning is er niet meer, maar stond naast de huidige bungalow.

Als kind keek ze altijd naar het bieten rooien bij familie Kroon aan de overzijde en naar de bietenschepen die toen nog door de Hoofdvaart voeren.  In haar jeugd heeft ze veel bij Spek op de boerderij gespeeld met Pleun en Klaas Spek; ze was eigenlijk meer bij Spek dan thuis. Maar het was niet alleen spelen. Moeder Marie gaf een mandje om eieren te zoeken en dan ging je eieren garen, dat vond je heel gewoon in die tijd. Of je hielp bieten snijden. Of ze paste op Pleun, Klaas en Trijntje.

Ze ging in Abbenes op school bij meester Dorgelo. Ze begonnen met een klas van 12, maar eindigden met zijn vijven:   Niels Eveleens,  Klaas Spek, Riek Biemond (later Kofoed),  Jan Spaan en zijzelf. Zeven jaar hebben ze bij elkaar in de klas gezeten.  Van deze vijf is zij nu alleen nog over. Anna wilde eigenlijk doorleren, maar dat mocht niet van haar moeder. ‘Kind, jij trouwt toch’ was dan de reactie. Ook was de huishoudschool in Hoofddorp niet bereikbaar qua vervoer in verband met de oorlog. Dus daarom een baantje gezocht: ze heeft twee jaar bij Biemond in de Buitenkaag gewerkt als kinderhulp en ze deed licht huishoudelijk werk. En wat kreeg de 13 jarige als loon voor een hele week werken? Eén gulden!

Werken

Daarna kwam ze als hulp in huis c.q. kindermeisje bij de familie Schalk, waar ze praktisch naast woonde. De familie Schalk beheerde het postkantoor. Meneer Schalk was postbode, mevrouw Schalk runde het kantoor aan huis. Anna deed de huishouding en paste op Jantje gedurende 2 jaar.

Toen ze een jaar of 17 was kwam ze in dienst bij Jan van’t Riet, de vader van de ons allen bekende Bart van’t Riet. Broer Klaas was net geboren. Die moest ze iedere morgen wassen. Een badkamer was er uiteraard niet, dat gebeurde in de kamer, maar als de kachel nog niet aan was, was dat wel koud voor het kind. En daarbij kwamen ook de huishoudelijke werkzaamheden. Zo moest Anna ook de kamervloer in de was zetten. Vader Jan kwam binnen, maar aangezien de vloer nogal schuin liep, zeilde deze zo met kleedje en al door de kamer. Hij was daar zó boos over, dat hij er een emmer zand overheen gooide. Daar gaat je werk dan…… 

Eén keer per week mocht ze moeder Mijntjes fiets gebruiken om naar de naaischool in Lisse te gaan. Moeder Mijntje was lief: ze kreeg stof van haar voor de naaischool. Het was een laken om een witte jurk te maken, dat was toen ‘in’! Ze ging er aanmerkelijk in salaris op vooruit: 10 gulden per week. Maar daarbij zat dan wel het ’s avonds oppassen inbegrepen. Later is Martin nog geboren, hij is helaas jong gestorven; hij kreeg een hartstilstand bij het voetballen. Anna is twee jaar bij Van’t Riet in dienst geweest.

Bij het viaduct met de bogen kwamen de jongelui van Abbenes altijd bij elkaar, een hele groep, de eerste hangjongeren! Ze liepen zelfs over de bogen boven de rijksweg heen! “Zij durruft het niet” riepen ze haar toe. Anna was toen een jaar of 15. Ze heeft wel op de boog gezeten, een beetje aan het begin, maar niet erover gelopen. Ze hadden gelijk, ze durfde het niet.  Was ook levensgevaarlijk, we kunnen haar geen ongelijk geven!

Ze is in haar jonge jaren één keer met Cor Verbeek op stap geweest, gewoon in het gras gezeten, verder is er niets gebeurd, ze waren gewoon vrienden. Maar vader Kees Verbeek kwam voor de zekerheid de volgende dag toch maar even zeggen dat ‘ze niet geschikt’ was. Anna heeft een leuke jeugd gehad. Ze hadden het niet breed thuis bij Van de Koppel, maar het was er wel gezellig.

Oorlog

In de oorlog maakten ze ook angstige momenten mee. Toen de Duitsers de drie jonge mannen betrapten bij boerderij Van Reeuwijk, heeft Dick van Wieringen, die toch echt als NSB-er werd aangemerkt, de werknemers van Van Reeuwijk vrijgepleit. Hij wist de Duitsers er van te overtuigen dat Koos Verbaas, Teun Verbaase en Piet Biemond er niets mee te maken hadden. Klaas Reeuwijk was door helemaal door de sloot naar de dijk gekropen naar zijn broer Niek op de Korenbloem, waar hij samen mee boerde. De werknemers van Van Reeuwijk werden gedwongen naar het fusilleren te kijken. Koos kwam het  ’s avonds helemaal overstuur vertellen.  “Dick van Wieringen heeft me gered” zei hij. Wat  een niet te bevatten vreselijke ervaring om deze afrekening bij te wonen.  

Mevrouw Verbaas wil nog wel even benadrukken, dat de vader van Dick van Wieringen (Dirk) dan weliswaar NSB-er was, maar wel iedere Kerst vlees en ander eten rond bracht naar mensen die het moeilijk hadden.  

Ondanks de oorlog had Anna een mooie jeugd in Abbenes. Ze heeft gelukkig geen honger geleden. De Koppeltjes hadden niet veel, maar wel een grote tuin om het huis, ze hadden groenten zat. Anna had een hekel aan andijvie inmaken. In de oorlog was het laatste jaar het water afgesloten, er was slechts een regenput tussen Eveleens en Van de Koppel in. Dat water werd gebruikt om te koken, de was moest worden gedaan in de sloot. Ook herinnert ze zich nog goed dat tijdens de hongerwinter de mensen uit de stad langs de deur kwamen voor eten, en dan vooral hun dunne beentjes. Vader werkte bij de boer, er was tarwe bij zijn loon inbegrepen. Anna’s moeder bakte iedere dag twee broden, waarvan één voor het gezin en één om weg te geven aan de deur. Ook mochten er wel eens mensen aanschuiven voor een warme maaltijd. In de oorlog hadden ze ook nog pleegkinderen in huis, ondanks dat het een klein huis was. Moest je eens zien wat kon, er woonden ook nog een oom en tante in!

Wordt vervolgd!